We maken ons dagelijkse leven vaak ingewikkeld door de onafgebroken stroom van gedachten die door ons hoofd gaat.
Het gevolg is dat we daardoor veel in ons hoofd zitten en weinig in de rest van ons lichaam.

We gaan vaak helemaal op in onze gedachten. Daar gaat veel energie naartoe waardoor we ons na verloop van tijd moe en suf kunnen voelen. We ontkomen er nu eenmaal niet aan om ons hoofd te gebruiken. Juist daarom moeten we ervoor zorgen om ook de rest van ons lichaam te gebruiken. Daarmee creëren we een balans.

  • Opstaan en ons lichaam los schudden.
  • Nekspieren los maken door ons hoofd te draaien, nee te schudden, ja te knikken, en ons hoofd van links naar rechts te laten vallen.
  • Rekken en strekken door met de vingers (of handen) de grond aan te raken.
  • Ademhalingsoefeningen (haal diep adem door de neus, en adem rustig uit).

Gedachten over ons werk, onze studie, ons gezin, onze uitdagingen, en over allerlei andere zaken houden ons in ons hoofd. We dienen goed in contact te blijven met de rest van ons lichaam, want dat hebben we net zo hard nodig als ons hoofd.

  • Sluit de ogen en visualiseer een intens wit-gouden licht (vergelijk het met kijken in het felle zonlicht). Laat dit intense, warme licht zakken vanuit ons hoofd naar onze borst en van daaruit naar de rest van ons lichaam.
  • Voel het lichaam en voel bewustzijn in ons gehele lichaam.
  • Voel dankbaarheid, blijdschap en opgewektheid.

Als het goed is, voelen we ons nu verfrist. Zoniet, herhalen we de zeven stappen zoals hierboven omschreven. We kunnen nu weer verder met waarmee we bezig waren.